Cavalerie: Artikel VOC

november 2020
Bron: VOC nr 4-2020

BERNHARDKAZERNE

 

Bernhardkazerne op de schop

Vanessa Strijbosch – Defensiekrant

Een 20 jaar durende verbouwing van megaformaat. Dat staat Defensie vanaf 2022 te wachten. Samen met het Rijksvastgoedbedrijf (RVB) wil de krijgsmacht tussen 2022 en 2042 twee derde van het vastgoed rigoureus aanpakken en klaarmaken voor de toekomst. Het omvangrijke herstelplan pakt 27 militaire complexen aan.

Revitaliseringsprogramma
Het zogeheten ‘Revitaliseringsprogramma Vastgoed Defensie’ moet een einde maken aan de vele onderhoudsachterstanden en verouderde infrastructuur. Met het omvangrijke herstelplan gaan diverse kazernes, vliegbases, havens en oefenterreinen flink op de schop. Daar waar eerder per gebouw werd gedacht, kijkt Defensie nu naar een heel object: van kazerne tot aan ondergrondse infrastructuur. Met een startkapitaal van 700 miljoen euro en een totaal investeringsdeel van enkele miljarden euro’s overstijgt deze revitalisering alle eerdere verbouwingsplannen binnen Defensie.

Bernhardkazerne bijt de spits af
In 2022 is als eerste de Bernhardkazerne in Amersfoort, de bakermat van de Nederlandse Cavalerie, aan de beurt. Hier wordt volgens het verbouwingsplan zo’n 90 procent van de infra gesloopt om plaats te maken voor 15 nieuwe en grotere gebouwen. De vernieuwde kazerne moet een voorbeeld zijn voor de aanpak van 26 andere defensiecomplexen in het revitaliseringsprogramma. Denk aan de Johannes Postkazerne in Havelte, het cluster Schaarsbergen, de vliegbasis Woensdrecht en de buitendijkse Nieuwe Haven in Den Helder. Daarna wordt er om de paar jaar steeds een cluster van 5 complexen aangepakt.

De toekomstige hoofdstructuur nieuwe infra Bernhardkazerne.

Complete metamorfose
De Bernhardkazerne ondergaat een complete metamorfose. Wat betekent dat voor de medewerkers? ‘Natuurlijk gaan de mensen die hier werken er wat van merken’ aldus luitenant-kolonel Martijn Peters, senior stafofficier bij de Directie Plannen en het creatieve brein achter het ambitieuze vastgoedplan. ‘Bouwen’ geeft nu eenmaal overlast. Maar de winkel blijft gewoon open. Dat vraagt veel planning en een tijdelijke noodvoorziening is nodig. Zeker als we in korte tijd de ambitie hebben om heel het kazerneterrein aan te harken. We willen de overlast zoveel mogelijk beperken. We onderzoeken nu een bouwmethode waarbij de materialen en draagconstructies opnieuw gebruikt kunnen worden, zogeheten ‘industrieel flexibel remontabel bouwen’: in de fabriek maken en op de bouwplaats droog monteren. En daarnaast onderzoeken we of we bestaande materialen kunnen hergebruiken.

In het plan wordt gesproken over ‘voorbereid zijn op de toekomst’. Ten aanzien van het vastgoed houden we bijvoorbeeld rekening met toekomstige wapensystemen die een plek moeten krijgen. Denk aan de komst van het F-35 gevechtsvliegtuig en de middelen voor digitale oorlogvoering. Een pijler van het plan is om fysieke vergunningsruimte te maken voor ontwikkelingen in de bedrijfsvoering, waarvan we de vastgoedbehoefte nu (nog) niet kennen.

Te amoveren en te behouden gebouwen Bernhardkazerne.

Voortvarend handelen
Plaatsvervangend Commandant Landstrijdkrachten generaal-majoor Rob Jeulink had eerder als plaatsvervangend directeur Plannen vastgoed in zijn portefeuille. Hij was een van de initiatiefnemers van het eerdere strategisch vastgoedplan. ‘Vastgoed was de laatste jaren het kind van de rekening’, aldus de generaal. ‘We zijn de afgelopen decennia ingeteerd op ons vastgoed. Het werk- en leefklimaat in gebouwen moet beter passen bij de huidige wensen en eisen van wonen en werken. De tijd van pleisters plakken is voorbij. We pakken het nu structureel aan. Daardoor kunnen we veel dingen tegelijk doen’.

Vlasakkers juni 1938. Het garagegebouw in aanbouw. De Bernhardkazerne bestond oorspronkelijk uit drie gebouwen: A (legering), B (het dienstengebouw met o.m. een badinrichting, een gymnastiekzaal, kantines, het wachtlokaal en de cellen) en C (garage en werkplaats voor het 2e Eskadron Pantserwagens).

Investeringen
Er wordt 700 miljoen euro extra geïnvesteerd in vastgoed. Hierdoor lopen 2 materieelprojecten vertraging op. Leidt dit niet tot scheve ogen? Generaal-majoor Jeulink: ‘Als je keuzes maakt, pak het dan in één keer goed op. De eerste investeringen zijn altijd lastig, maar op de langere termijn gaat het zeker renderen. Natuurlijk doet het pijn dat andere projecten worden verschoven. Dat moet je kunnen uitleggen en dat kunnen we. Het zijn afwegingen die je moet maken. Dit is defensie breed. Mensen moeten op een fatsoenlijke en veilige manier kunnen werken en gelegerd zijn’.

Gebouw A werd begin 1939 opgeleverd en kostte destijds 119.800,- gulden. Het gebouw is in de loop der jaren meerdere malen gerenoveerd en was decennialang het onderkomen van de voormalige Cavalerieschool. Ook na de voltooiing van het revitaliseringsprogramma blijft dit gebouw het kenmerkende gezicht van de Bernhardkazerne.