1RH: 6e Eskadron.

Dit is een historische plek voor het voormalig 1e Regiment Huzaren, met name voor het 6e Eskadron.
Ik wil u een deel van dat wat er hier gebeurd is kort schilderen.

 

1e REGIMENT HUZAREN, DEEL VAN DE GESCHIEDENIS VAN HET 6E ESKADRON
6-1RH in mei 1940.

ALGEMEEN

Op 01 mei 1940 werd de zoveelste reorganisatie van het Veldleger van kracht. Hierdoor werden eenheden omgenummerd en her ingedeeld en op sommige plaatsen zo ingrijpend dat op 10 mei 1940 de eenheden amper wisten tot welke eenheid ze behoorden en vooral de communicatie en de coördinatie erg slecht was. De mobilisanten die waren ingedeeld bij een Eskadron Wielrijders, droegen een korte jekker, een leren zolder in de broek en laarzen of kamassen. De infanterie droeg puttees (beenwindsels). Ondanks verbod werden door de huzaren op de rijwielen zelfs de sporen gedragen!

Aanleiding tot dit monument is onder andere het volgende:

Het Bestuur van de “Vriendenkring Wij Huzaren” was opgevallen dat jarenlang een “man en vrouw”, soms begeleid door een meisje, een bloemenhulde brachten tijdens de jaarlijkse herdenking in Voorthuizen. Dat gebeurde steevast na afloop van het officiele deel. Op de vraag aan betrokkenen naar het hoe en waarom kwam er een apart verhaal.

Jan van Dorth (jr) wist dat zijn vader in 1940 was gesneuveld. Thuis was er maar weinig over bekend. Bijzonderheden waren er niet en de familie is lang op zoek geweest naar antwoorden. Pas heel laat kwamen ze er bij toeval achter dat zijn naam op het monument in Voorthuizen stond. Heteren was de plaats, die was vermeld op het monument, maar ook daar was niets bekend. Jaarlijks werd vader herdacht tot er een gesprek heeft plaatsgevonden met leden van het Bestuur van de “Vriendenkring Wij Huzaren”. Zij hebben onderzoek gedaan met een dramatische ontknoping. Onderzoek in boeken, bij instanties, maar vooral ook ter plaats heeft ertoe geleid dat in december 2007 een Gevechtsveld rit is gehouden met de familie en een kleine groep mensen. Begrijpelijk was dit een emotioneel gebeuren voor de familie. Tijdens die toer is door een ooggetuige (Ger de Kat) verslag gedaan ter plaatse en is veel duidelijk geworden. De “Vriendenkring Wij Huzaren” heeft besloten om op een plek, dicht bij de plaats van het drama, een herinnering te plaatsen.

Het 6e Eskadron van het 1e Regiment. (6-1RH).

Oorspronkelijk was dit eskadron benoemd als het 16e Eskadron Wielrijders van de IVe Verkenningsafdeling en verbleef tijdens de Algehele Mobilisatie 1939 in de omgeving Voorthuizen tot januari 1940. Het eskadron verplaatste zich na 01 mei 1940 via Arnhem naar Zetten – Andelst in de Betuwe. Ze werden namelijk onder bevel gesteld van de Brigade B om als een soort “dekkingstroepen” voor de “Betuwestelling” ingezet te worden.

Op 10 mei 1940 stond er een grote nachtoefening gepland en terwijl iedereen al gepakt stond, was het wachten op de EC, de res kapitein Dr. Mr. H. van Zanten

Toen er grote drommen vliegtuigen overkwamen en via de media bekend werd dat de oorlog was uitgebroken, werd de geplande oefening ineens daadwerkelijk inzet

Het 1e Peloton, van res Elnt van Elshove kreeg opdracht om in de omgeving Randwijk een brug te bezetten en aan de dijk te posten.

Korte tijd later werd opdracht gegeven aan dat peloton om ’s avonds, op de 10e mei, terug te trekken op Lienden, waar de rest van het eskadron ook werd verzameld in het centrum en in de buurt van landgoed “den Eng”

Merkwaardig was dat de Ec de opdracht gaf zonder dat hij daartoe gemachtigd was. Lienden lag namelijk ver achter de voorpostenlinie! Integendeel; hij had duidelijk andere opdrachten. De door hem totaal verkeerde uitvoering van de opdracht heeft net niet geleid tot “Krijgsraad”.

Hij is door de Brigadecommandant behoorlijk “aangesproken” en kreeg een “herkansing”! De eenheid is dan ook weer in oostelijke richting getrokken.

Het peloton Spoorlijn (1e Pel) res Elnt van Elshove
Van dit peloton zijn geen berichten ontvangen. Te plm. 19.00 uur kwam een deel van dit peloton onder sergeant Sterk terug, die het volgende meldde; Het peloton heeft den spoorlijn gevolgd tot kilometerpaal 16. Vandaar is een verkenningspatrouille uitgezonden ter sterkte van 1 sergeant en 3 man naar Dodewaard – Hien – Station Hemmen – Dodewaard. Toen deze verkenningspatrouille niet terugkeerde is het restant van het peloton de verkenningspatrouille tegemoet gegaan. Het ontving ter hoogte van Het Ruijt vuur. Daar kwam hun een vijandelijke motorrijder tegemoet rijden, die door hen is neergeschoten. Vervolgens is het peloton voor een overmacht teruggegaan. Van de verkenningspatrouille is later slechts één man teruggekomen, die meldde, dat de patrouille door vijand vuur is overvallen de sergeant en twee man hebben dekking gezocht achter een huis. De berichtgever is weggefietst; de overigen zijn niet teruggekeerd. Het peloton besloot terug te gaan; daar de vijand inmiddels den terugweg had afgesneden is het Noordwaarts gegaan naar Doyenburg (vt. 174-439) en vandaar langs de Lakemondsche straat. Door een mijnontploffing aldaar zijn vier doden en twee gewonden te betreuren, bij welke laatste drie soldaten zijn achtergebleven die niet zijn teruggekeerd. Twee soldaten zijn bij de voorposten hulp gaan halen, doch toen zij ter plaatse terug kwamen waren allen verdwenen. Bij de gewonden was de pelotonscommandant (Reserve 1e luitenant. G.H.J. Elshove). Deze is met het restant van het peloton teruggekeerd.

Dit verslag verdient aanvulling. Onderzoek ter plaatse en gesprek met ooggetuige staat voor:
Omdat de vijand de terugtocht route deels had geblokkeerd, moesten de eenheid via een naar het noorden lopende route binnendoor richting “Huis Doeijenburg” (Het kasteel bestaat niet meer) en daar linksaf (west) over de Lakemondsestraat naar Opheusden. De eenheid komt langs boerderij “de Hel” (hoe verzin je dit als je weet wat het is geworden!) over de Helweg (!) richting “Huis Doeijenburg”. Toch heet het daar allemaal zo!
Daar op de splitsing slaan ze links af en er klinkt na een paar 100 meter een doffe knal.

Huz. van Dorth, schutter lichte mitrailleur is in een mijnenafsluiting gereden. Het gewicht van zijn rijwiel, met de Lewis mitrailleur aan de stang gebonden, is genoeg om een mijn te laten ontploffen. Hij met naast zich de helper, Huz. Evert Morren, zijn op slag dood en zwaar verminkt. Delen van de rijwielen hangen in de bomen rond deze plek. Omdat de lichamen aan de slootrand zijn geslingerd, gaat de Kpl Palland proberen hulp te verlenen. Hij gaat de slootrand in en trapt op een mijn en samen met Huz. Hoogerwerf sterft hij ter plekke aan de verwondingen. De vlakbij staande Wmr Verwoerd en Elnt van Elshove raken zwaar gewond. De arm van Wmr Verwoerd wordt verbrijzeld en de luitenant krijgt een scherf in het oor en bij het oog. Hij blijft verder zijn levenslang doof aan dat oor.
Wmr Verwoerd vertelde dat de Randwijkse huisarts, dokter Limburg als diagnose, amputatie voorstelt om koudvuur te voorkomen. Daar was haast bij. Hospitalen waren echter door de gesprongen bruggen en pontveren niet te bereiken en daarom heeft de arts zelf de ingreep gedaan. Omdat hij nauwelijks over verdoving beschikte en ook geen chirurgische middelen en apparatuur had, moet hij improviseren. Hij gaf Verwoerd alle morfine die hij had en leende van de plaatselijke timmerman de zaag. Daarna heeft hij zaag en een broodmes langdurig uitgekookt. Met het broodmes heeft hij het vlees van de arm weggesneden en met de zaag de bovenarm doorgezaagd. Wmr Verwoerd vertelt:

“Toen hij met zagen het merg in het bot bereikte heb ik vreselijk veel pijn gehad!”
Complicaties hebben zich niet voorgedaan en de Wmr was dan ook in staat op 25 mei 1940 af te zwaaien of zoals dat toen heette te demobiliseren.

Terug naar de dodelijke slachtoffers.
Allen staan in de “Digitale Erelijst voor de Gevallenen van de Stichting de Grebbeberg” de “Betuwestelling”.

Dpl. Kpl. Palland, Jan J geboren. 03-07-1908 te Amsterdam herbegraven Militair Ereveld de Grebbeberg,
Dpl. Sld. van Dorth, Jan J. geboren 31-01-1912, te Amsterdam herbegraven op het Ereveld Loenen,
Dpl. Huz. Morren, Evert J. geboren 15-04-1912 te Deventer Begraafplaats “St Barbara”, Utrecht
Dpl. Huz. Hoogwerf, Hendrik geboren 15-05-1913 te Rotterdam herbegraven Ereveld Loenen,

Een saillant detail is, dat de zoon van Kpl Palland jarenlang als “pontjesbaas” heeft gevaren op het Lexkesveer, op de Neder-Rijn tussen Randwijk en Wageningen. Het veer wat zijn vader in de meidagen 1940 met zijn peloton alsnog heeft vernield omdat de pioniers dat niet afdoende hadden gedaan.

Hij wilde liever in de anonimiteit blijven en is dan ook niet hier vandaag.
Bij het mijnenveld aan de Lakemondsestraat moest bij de markeringsvlag een wacht staan. Die was er niet en nader onderzoek geeft aan dat hij bij een boerderij in de buurt een glas water was gaan drinken!. Het mijnenveld was wel gemarkeerd met kleine witte vlaggetjes. Toch niet duidelijk genoeg om dit drama te voorkomen.

Het gaat hier niet alleen om deze 4 gesneuvelden maar ook om de gewonden waarvan er twee zijn benoemd, de Wmr Verwoerd en de res Tlnt Elshove. Toch heeft dit eskadron meer slachtoffers gekend. Minimaal 3 voertuigen van 6-1RH zijn verdeeld over twee dagen, op een mijn gereden. Daarbij zijn eveneens meerdere gewonden gevallen. Niet alleen bij deze eenheid maar ook bij de Infanterieregimenten in de voorpostenlijn zijn meerdere doden gevallen in “eigen mijnenvelden” onder andere bij Driel (3-III-43 RI).

Kortom reden genoeg om in de omgeving van de plek waar de 4 man van 6-1RH zijn gesneuveld, een herinnering te plaatsen opdat zij niet worden vergeten zelfs niet na al die jaren.

“OPDAT ZIJ MET EERE MOGEN RUSTEN”

Dank U wel.
Ik wil Jan van Dorth uitnodigen om, de fanion van het voormalig 1e Regiment Huzaren van het plaatje te verwijderen.

Hierna kan de Bloemenhulde een aanvang nemen en bied ik de familie een replica aan van de plaquette, die overigens ook wordt bezorgd bij de Heer Palland, zoon van Kpl Palland in Wageningen.

Auteur: Ritmeester der Cavalerie (bd) Hans Steenmetz’
mei 2016

 

 

Jan van Dorth, zoon van een van de omgekomen huzaren, onthult de gedenkplaat. De namen van de vier staan er op, en een korte aanduiding van het gebeurde op 11 mei 1940. Er worden bloemen gelegd en Eric Puik besluit de sobere en korte plechtigheid.