Boodschap Peer de Vries

In deze boodschap gaat Brigadegeneraal b.d. Peer de Vries in op de betekenis van vriendschap, broederschap en kameraadschap binnen de cavalerie. De tekst vormt een persoonlijke en inhoudelijke beschouwing op de waarden die cavaleristen verbinden, zowel in diensttijd als daarna. De foto’s ondersteunen het verhaal en geven een visuele dimensie aan deze kernbegrippen.


Afb 01 – Kameraadschap

Boodschap – Brigadegeneraal b.d. Peer de Vries
Er zijn wat ‘schappen’ in de wereld: weddenschappen, kastschappen, maatschappen, wethouderschappen, co-schappen; allemaal ‘schappen’ waarover ik het niet wil hebben. Ik wil het hebben over vriendschap, broederschap en kameraadschap. Deze begrippen worden vaak door elkaar gebruikt alsof het synoniemen zijn. Ik wil aantonen dat deze begrippen zelfstandig zijn en een eigen betekenis hebben en in de verste verten geen synoniemen zijn.

In mijn redenering gebruik ik drie begrippen: vrijwilligheid (iets doen uit eigener beweging, er is geen sprake van dwang), wederkerigheid (er is sprake van een verplichting tussen twee personen) en noodzaak (het is zo, omdat het onvermijdelijk is en dat ongeacht de omstandigheden). Als er geen sprake is van noodzaak gebruiken we vaak de term ‘contingent’; het betreft een mogelijkheid die zich kan voordoen of niet. Als we met behulp van deze begrippen de zelfstandige naamwoorden vriendschap, broederschap en kameraadschap nog eens tegen het licht houden wordt duidelijk dat er inderdaad sprake is van drie totaal verschillende betekenissen.


Vriendschap

Vriendschap betreft een nauwe relatie tussen personen waarbij onderling vertrouwen een belangrijke rol vervult. Dit begrip wordt naar mijn mening gekenmerkt door vrijwilligheid en wederkerigheid. Ik sluit uit eigener beweging vriendschap met een ander. Er kan geen sprake zijn van dwang, er is geen noodzaak. Het opbloeien van een vriendschap is dus contingent.

De term vriendschap geeft aan dat er altijd sprake moet zijn van de ander(en) waarmee vriendschap wordt gesloten. Hierbij is dus sprake van noodzaak; zonder de ander(en) geen vriendschap. De nauwe relatie wordt verder gekenmerkt door wederkerigheid: ik kan niet jouw vriend zijn als jij dat niet wilt. Ook hierbij is dus sprake van noodzaak.

Vriendschap vergt onderhoud. De vertrouwelijkheid vergt periodieke bevestiging. Als dat onderhoud onvoldoende plaatsvindt, kan vriendschap verwateren en uiteindelijk uitdoven. In geval van een calamiteit waarbij de vertrouwelijkheid wordt geschonden, kan een vriendschap ook worden opgezegd.


Broederschap

Broederschap kent twee benaderingen: een letterlijke en een overdrachtelijke. De letterlijke betekenis betreft de familierelatie die bestaat tussen twee personen die een of twee dezelfde ouders (vader en moeder) hebben. Vrijwilligheid speelt hierbij geen rol; je wordt ‘geworpen’ in je familie. Veelal is er sprake van een nauwe relatie tussen broeders (en zusters) maar wederkerigheid is niet per se vanzelfsprekend. Wat betreft de aard van de broederband is er dus geen noodzaak. Broederschap in deze zin eindigt pas doordat de ander wegvalt. Mijn enige broer is overleden.

De overdrachtelijke betekenis heeft betrekking op het toetreden en/of lid worden van een genootschap, een (klooster)orde of een vergelijkbare organisatie. In de moderniteit is dat een vrijwillige keuze; althans wat betreft de aanmelding. De toelating tot het genootschap van je keuze is niet altijd vanzelfsprekend. Soms zijn er criteria voor toelating en is nader onderzoek gewenst om te onderzoeken in hoeverre een kandidaat voldoet aan deze criteria. Eenmaal lid geworden is het verder maar de vraag in hoeverre er binnen dat genootschap nauwe relaties ontstaan. Wederkerigheid is veelal formeel vereist en ook inhoudelijk/emotioneel mogelijk maar niet noodzakelijk. Het lidmaatschap kan uiteindelijk worden opgezegd en daarmee komt formeel een einde aan deze vorm van broederschap.

Kortom: broederschap kan tot stand komen door noodzaak (je wordt ‘geworpen’) of op basis van vrijwilligheid (je treedt toe). In geen van deze twee benaderingen is een nauwe persoonlijke relatie noodzakelijk; je kan een familielid of lidmaat zijn zonder een band van vertrouwelijke en emotionele verbondenheid.


Kameraadschap

Kameraadschap is van een wezenlijke andere orde. Het begint veelal met het feit dat onbekenden tot elkaar zijn veroordeeld; zij zijn allen geworpen in een voor hen vreemde situatie. Zij kunnen weliswaar vrijwillig of onvrijwillig zijn toegetreden tot een organisatie maar hebben vaak geen idee wat ze te wachten staat. Vanuit dat perspectief kan er in praktische zin geen sprake zijn van vrijwilligheid.

In een dergelijke situatie waarin sprake is van onzekerheid en soms van dwang en een pregnant of latent gevaar, zoeken ook vreemden steun bij elkaar. Het zoeken van steun te midden van wildvreemden levert de nodige spanningen op. Als dan steun wordt ontvangen geeft dat de nodige opluchting in een verder onoverzichtelijke situatie. Ook het geven van steun aan een wildvreemde levert dan veel voldoening.

Te midden van de onoverzichtelijkheid en onzekerheid wordt een scherp licht geworpen op de ander(en) met wie je jouw zorgen en angsten deelt en van wie je steun ontvangt en aan wie je hulp verleent. Het ontstaan van kameraadschap is contingent. Per saldo is er geen sprake van vrijwilligheid maar tegelijk wel sprake van wederkerigheid. We zijn elkaar tot steun.

Kameraadschap ontstaat onder druk en tussen personen die dat niet hebben vermoed, maar die onder druk de ware, betrouwbare aard van de ander hebben ervaren. Kameraadschap wordt als het ware gesmeed. Een goed gesmede band vergt geen onderhoud, die blijft bestaan. Kameraadschap verwatert niet en kan niet worden opgezegd. Kameraadschap eindigt met de dood.


Afb 02 – Kameraden – Veteranen Checkpoint

Deze foto toont de verbondenheid tussen veteranen, waarbij kameraadschap zichtbaar wordt in houding, blik en aanwezigheid. Het is een illustratie van de blijvende band die ontstaat onder druk, in situaties waarin wederzijdse steun vanzelfsprekend wordt.


Jaargang 2026