Cavalerie


Artikelen VOC


T-14 Armata (Rusland.


december 2016

Bron: VOC nr 4-2016


Tankontwikkelingen sinds 2015
Deel 1 - Oost Europa

Ritmeester Michael de Pauw Gerlings

Met het einde van de Koude Oorlog ontstond al snel de gedachte dat de westerse legers hoofdzakelijk nog maar expeditionaire missies zouden uitvoeren met lichte of medianeneenheden. Gemechaniseerde eenheden pasten hier niet bij en het was 'bon ton' om de tank achterhaald te verklaren. De gebeurtenissen die de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden aan de oostzijde van Europa, hebben dit beeld enigszins veranderd. Het is niet meer uit te sluiten dat westerse militairen in de toekomst in deze regio betrokken worden bij gevechten tegen vijandelijke eenheden die uitgerust zijn met tanks. Het is opvallend dat westerse vakbladen en websites, gespecialiseerd in defensie aangelegenheden, meer artikelen schrijven over tanks en andere zware pantservoertuigen dan voorheen. Symbool van deze gedachtewisseling waren misschien wel de beelden van de overwinningsparade in Moskou van mei 2015, waarbij Rusland een groot aantal nieuwe pantservoertuigen presenteerde, waaronder een ook een nieuwe tank: de T-14 Armata.

Aanleiding om in de komende nummers van de VOC-Mededelingen nader in te gaan op de ontwikkelingen die sindsdien op het gebied van tanks hebben plaatsgevonden. In deel 1 richten we de blik op Oost-Europa. In deel 2 bezien we de tankontwikkelingen bij onze buurlanden in West-Europa en in deel 3 tenslotte aandacht voor ontwikkelingen in de Verenigde Staten, het Midden-Oosten, AziŽ, Afrika en Latijns-Amerika.

Rusland
Rusland presenteerde in mei 2015 een groot aantal nieuwe types pantservoertuigen tijdens de overwinningsparade. Rusland maakt hiermee duidelijk dat zij haar leger aan het moderniseren is. De aandacht van vele specialisten en vakjournalisten ging voor een groot deel naar de nieuwe Russische tank: de T-14 Armata. Volgens de officiŽle Russische berichtgeving moesten de prototypes van de T-14 een groot aantal beproevingen doorlopen voordat de eerste gevechtseenheden de tank in 2017 in ontvangst kunnen nemen. Deze zelfde bronnen hebben sindsdien weinig bekend gemaakt over de voortgang van het project, behalve dan dat het project volgens verwachting verloopt en dat de tankbemanningen zeer tevreden zijn met hun nieuwe tank. De Russische tankfabrikant Uralvagonzavod heeft wel aangekondigd dat zij overwegen om de tank te voorzien van een krachtigere motor van 1800 PK. De Armata's zijn ook relatief weinig in beeld gekomen. De tanks hebben wel deelgenomen aan de overwinningsparade van mei 2016. Een T-14 is ook meerdere malen zichtbaar geweest in een aantal programma's van de Russische televisie waarin journalisten hem mochten bezichtigen van binnen en buiten. De specialisten in het buitenland hebben dus weinig gelegenheid gehad om zich een goed beeld te vormen van de nieuwe tank. De internationale vakpers heeft in de afgelopen 1,5 jaar wel een aantal interessante analyses gepubliceerd over de nieuwe Russische tank.


Binnenzijde van de T-14 Armata vanaf de commandantzitplaats (Rusland).

De T-14 Armata is uitgerust met het Active Protection System (APS) Afganit. Een APS is een systeem dat ontwikkeld is om te voorkomen dat een (geleide) antitank raket of granaat een doel kan neutraliseren of vernietigen. Het systeem kan soft-kill en/of hard-kill maatregelen nemen. Soft-kill maatregelen voorkomen dat het wapensysteem het doel kan zien of volgen door bijvoorbeeld gebruik te maken van elektromagnetische of pyrotechnische middelen. Hard-kill maatregelen neutraliseren of vernietigen het antitank projectiel door bijvoorbeeld een projectiel af te vuren. Dit projectiel moet dan de dreiging uitschakelen door de effecten van blast en/of scherfwerking.


Active Protection System (APS) Afganit (Rusland).

APS is op zich geen nieuwe ontwikkeling. De Sovjet-Unie heeft aan het einde van de jaren '70 de eerste operationele APS ontwikkeld, de Drozd. Dit systeem werd in de jaren '80 opgevolgd door de Shtora. In de jaren '90 ontwikkelde Rusland het systeem Arena. Het is pas vanaf de jaren 2000 dat andere landen zich serieus begonnen te buigen over de ontwikkeling van een APS. Sinds kort is het aantal landen die hun krijgsmacht willen uitrusten met APS toegenomen, zoals ook het aantal bedrijven die in de ontwikkeling van APS'n investeren. Naast Rusland, zijn landen die bezig zijn met de ontwikkeling van APS o.m. Duitsland, OekraÔne, Frankrijk, ItaliŽ, TsjechiŽ, Zuid-Korea, China, IsraŽl, Zuid-Afrika en de Verenigde Staten.

De Drozd is door de Sovjet-Unie in Afghanistan ingezet in de jaren '80. IsraŽl is het enige land dat tot op heden recentelijk een moderne hard-kill APS operationeel heeft ingezet. Het systeem Trophy heeft tot nu toe 100% van de projectielen geneutraliseerd tijdens de operaties in de Gazastrook. Met de actuele technologie zijn de huidige hard-kill APS'n alleen in staat om pantservoertuigen tegen (geleide) antitank raketten te beschermen. Het neutraliseren van tankgranaten, vooral KE, is op dit moment nog niet haalbaar.

De Russische APS Afganit detecteert dreigingen dankzij een pulse doppler radar, infrarood en ultraviolet sensoren. Nadat een dreiging is gedetecteerd, kan het systeem hard kill-of soft-kill maatregelen nemen. De meeste recent ontwikkelde Russische pantservoertuigen zijn uitgerust met Afganit of een deel daarvan. Dit kan betekenen dat mogelijk over een aantal jaren een groot aantal pantservoertuigen van het Russische leger moeilijk te vernietigen zal zijn door de huidige antitank raketten.


T-14 Armata achterzijde (Rusland).

De Armata is uitgerust met een onbemande toren. De voertuigbemanning bevindt zich in de voorzijde van het onderstel. De situational awareness (SA) wordt gecreŽerd door de verschillende sensoren die rond het voertuig zijn gemonteerd, de richtmiddelen en de episcopen aan de voorzijde. Volgens vele specialisten is hierdoor de SA van de bemanning te beperkt en sterk afhankelijk van mogelijke defecten van de sensoren. Dit zal beperkingen met zich meebrengen in gevechten in verstedelijkt gebied en extra stress opleveren bij de bemanningsleden.

De Armata is opvallend groot voor Russische maatstaven, terwijl de tank maar is uitgerust met een 125 mm schietbuis. Het monteren van een grotere schietbuis lijkt absoluut mogelijk te zijn. Er wordt daarom verwacht dat de tank in de toekomst zal worden uitgerust met een 152 mm schietbuis. In de meeste analyses komt de vraag naar voren of Rusland de beoogde 2300 stuks T-14 Armata zal kunnen produceren voor 2020. De tank zal mogelijk te duur zijn (naar schatting circa 8 miljoen dollar per stuk) en te veel afhankelijk van westerse technologie. Rusland zou op dit moment niet voldoende productiecapaciteit hebben. Een aantal ontwikkelingen kunnen in ieder geval laten geloven dat Rusland niet op de komst van de Armata wacht om haar huidige tankcapaciteit te verbeteren. Dit blijkt onder andere uit de beslissing om T-80 's te upgraden en de tankcapaciteit van de luchtlandingseenheden te versterken.


T-80 (Rusland).

De T-80 is in productie geweest in de (voormalige) Sovjet-Unie vanaf 1976 tot 1992. Deze tank is meerdere malen gemoderniseerd met de T-80 BV, de T-80U en de T-80UD. Rusland beschikt nog over circa 3500 stuks T-80 's waarvan er vermoedelijk 450 in gebruik zijn bij operationele eenheden. Vanwege de hoge onderhoudskosten van deze tank, de wens om de tankvloot te moderniseren en het aantal verschillende typen tanks te beperken, moesten zij binnen een korte termijn worden vervangen en opgeslagen. Met de ontwikkeling van een upgrade pakket voor de T-80 lijkt het erop dat deze beslissing in ieder geval is uitgesteld. Producent Uralvagonzavod heeft verklaard dat deze upgrade noodzakelijk is vanwege de behoefte aan het gebruik van een groot aantal tanks, de economische situatie en de begrotingsproblemen. Dezelfde firma verklaart dat met het upgrade pakket de T-80 BV/U op hetzelfde technologisch niveau wordt gebracht als de moderne westerse tanks.

Het upgrade pakket bestaat uit een nieuw schuttersrichtsysteem waarmee het effectieve bereik van de tank 3300 m wordt, zowel bij dag en als bij slecht zicht. Daarnaast krijgt de tankcommandant de mogelijkheid om met de schietbuis te vuren en te richten met behulp van de waarnemings- en richtmiddelen van de schutter. De tank wordt ook uitgerust met ERA pakketten van het type Relikt die een goede bescherming bieden tegen de moderne westerse KE-tankmunitie. Het pakket bevat ook nieuwe nachtzichtapparatuur voor de bestuurder, radio's, intercom en brandblussysteem.


2S25 Sprut (Rusland).

De Russische luchtlandingstroepen staan bekend voor het gebruik van pantservoertuigen. Het grootste deel van deze pantservoertuigen kunnen dan ook door middel van parachutes worden gedropt. Sinds 2010 zijn deze elitetroepen uitgerust met een klein aantal lichte tanks van het type 2S25 Sprut. Nadat de productie van het pantservoertuig vroegtijdig is gestopt in 2010 (25 stuks geleverd i.p.v. de 85 besteld), is Rusland nu bezig om de lichte tank te moderniseren. De nieuwe Sprut beschikt over een remote controled weapon system (RCWS) met een lichte mitrailleur en een periscoop voor de commandant. Het is op dit moment onbekend wanneer en hoeveel Spruts zullen worden geleverd. Tot voor kort waren de Spruts de enige tanks die in gebruik waren door de Russische luchtlandingseenheden. Maar dit staat op het punt om te gaan veranderen. Zij gaan immers worden uitgerust met de MBT T-72 B3. De zware tank kan niet worden gedropt met parachutes en zal dus op het strijdtoneel moeten komen nadat het gelost is op een vliegveld.


T-72 B3 (Rusland).

OekraÔne
Door de spanningen met buurland Rusland, heeft ook OekraÔne besloten om, onder andere, haar tankvloot te verbeteren. Het land gaat daarom zijn T-84's moderniseren. De T-84 is een OekraÔense versie van de T-80 waarvan de eerste in 1999 is opgeleverd aan het OekraÔense leger. Na verloop van jaren zijn de tanks uit de bewapening gehaald en opgeslagen. OekraÔne is desondanks wel doorgegaan met de ontwikkeling van verschillende moderniseringsprogramma's van de tank. Eťn van deze programma's heeft geleid tot de T-84 Oplot waarvan er recentelijk 50 stuks aan Thailand zijn verkocht. De gemoderniseerde versie, bestemd voor het OekraÔense leger, zal veel overeenkomsten hebben met de T-84 Oplot.


T-84 Oplot (OekraÔne).

Volgens berichtgeving van de OekraÔense defensie industrie is het land ook begonnen met de ontwikkeling van een nieuwe tank: de Tirex. Deze nieuwe tank zal, zoals de Armata, een onbemande toren krijgen en de bemanning zal in de voorzijde van het onderstel plaats hebben. Het onderstel zal worden gebaseerd op de T-64 tank die in gebruik is bij het OekraÔense leger.


Tirex (OekraÔne).

Polen
Met het oog op de recente ontwikkelingen in het oosten, investeert Polen aanzienlijk veel in haar defensieorganisatie. In dit kader heeft het land in 2002 128 Leopards-2A4 en in 2013 105 Leopards-2A5 van Duitsland gekocht. Deze Leopards hebben een deel van de PT-91 (de Poolse versie van de T-72) tanks vervangen. In december 2015 heeft Polen een contract getekend met de Duitse firma Rheinmetall voor de modernisering van 128 Leopards-2A4. Deze gemodificeerde tanks zullen de naam Leopard-2PL dragen.


Leopard-2PL (Polen).

Deze tanks zullen een verbeterde bepantsering krijgen die vergelijkbaar is met die van de Leopard- 2A5. Daarnaast zullen het wapenstuursysteem en het vuurleidingssysteem worden vervangen en een auxiliary power unit (APU) worden gemonteerd. De eerste tanks zullen in Duitsland worden gemodificeerd. De resterende 110 tanks zullen door de Poolse industrie worden gemodificeerd.


Leopard-2A4 met diepwaadschacht (Polen).

Polen is bezig met de ontwikkeling van een nieuwe tank die de naam PT-16 zal dragen. Deze tank zal niet worden gebruikt door de Poolse landmacht, maar is bestemd voor de export. De PT-16 gebruikt een sterk gemodificeerde PT-91 onderstel waarop een nieuw ontworpen toren is geplaatst met een 120 mm schietbuis. Deze schietbuis gebruikt dezelfde munitie als de Leopard 2 en is gekoppeld aan een automatische lader. Opvallend voor een moderne tank is het feit dat de commandant van de PT-16 niet de beschikking zal krijgen over een periscoop en daarom geen hunter-killer capaciteit heeft.


PT-16 (Polen).

Wordt vervolgd
In deel 2 van 'Tankontwikkelingen sinds 2015' aandacht voor o.m. de Franse Jaguar, de Leclerc, de Duitse MBT Revolution, de Italiaanse Centauro II en het upgrade programma voor de Britse Challenger-2.
Door het juiste te doen, vreest gij niemand.
U doet pas het juiste als u regelmatig deze site bezoekt.